Oorlog der meningen

We moeten allemaal een mening hebben en die nog uitdragen ook. Hebben we geen mening dan zijn we dom of niet betrokken; hebben we wel een mening maar dragen we die niet voldoende uit, dan hebben we een assertiviteitscursus nodig.

Het is oorlog der meningen. De meeste van ons kennen niet eens meer de rustgevendheid van de constatering "dat ze het niet weten".

"Het niet weten", is not done, is verwerpelijk. Dus als we het niet weten, dan doen we maar alsof we het weten. Om dat een tijdje vol te houden, is het echter noodzakelijk dat we zelf gaan geloven dat we het wel weten en dus maken we ons idee eenvoudigweg tot onze waarheid. Ergens weten we nog dat onze waarheid eigenlijk z'n basis heeft in "het niet weten" en dus kennen we de onzekerheid die erachter schuilgaat. Toch moeten we een mening hebben en in stand houden, dus zullen we die onzekerheid moeten verhullen. We gaan onze mening verdedigen (een daad van je onzekerheid, want innerlijke zekerheid heeft geen woorden nodig en zeker geen verdediging) en meningen van anderen aanvallen. Het werkterrein van onze mening moet immers groot genoeg zijn om niet te gaan wankelen in bijzijn van anderen.

De druk wordt te groot: we krijgen teveel input van anderen die ook hard hun mening aan het verdedigen dan wel verkondigen zijn. Onze vrienden, familie, collega's, vreemden en niet te vergeten de media: allen schreeuwen ze ons hun mening toe, de argumenten worden niet vrijblijvend meegegeven maar ze worden je toe geblaft. Door al dat geblaf wordt het steeds moeilijker te luisteren. Stilte is een noodzakelijke voorwaarde om te kunnen luisteren. Ben je niet stil dan kun je niet luisteren: stil zijn is niet het ontbreken van geluid, het is het ontbreken van gedachten, van je mening. Gun jezelf even wat stilte (…) om dit besef tot je door te laten dringen.

Onze mening schreeuwt door ons hoofd, samen met die van talloze anderen. Maar we moeten zicht houden op, vasthouden aan onze eigen mening. Tanden op elkaar en doorbijten. We hebben ons in onze oorlog der meningen inmiddels geïdentificeerd met onze meningen. We zijn niet méér dan onze mening: we zijn de mening. En elke aanval op onze mening voelt als een persoonlijke aanval, alsof de kern van ons zijn aangevallen wordt. We denken te zijn wie we denken dat we zijn (…). En hierop aangesproken of hiermee geconfronteerd vragen we ons vertwijfeld of wanhopig af wat er dan meer is dan onze mening: we kunnen niets met de constatering dat we ons geïdentificeerd hebben met onze gedachten/meningen. Het roept alleen meer vertwijfeling op die we met een mening proberen te hanteren.

Ik zie de vertwijfeling en wanhoop van een verslaafde: een verslaafde die chronisch afhankelijk is geworden van zijn gedachten, van zijn mening. Een massale ontkenningsfase hoort bij een massale verslaving.

In plaats van de cursussen om een mening te vormen komen cursussen in het afbouwen van je mening. Het uitdragen van een mening zoals dat nu gebeurt, wordt gezien als een schreeuwend kind dat niet om weet te gaan met het ongenoegen dat 'ie van binnen voelt. Je mening blaffen, zal zijn als stelen om drugs te kunnen kopen.

Het uitdragen van je mening zal een hoogwaardige aangelegenheid zijn: een handeling van waardigheid. Met een oneindig gevoel van respect en bewustzijn: je volledig bewust van je eigen kwetsbaarheid en die van je toehoorders. Het is de enige manier om 'de mening' te laten overleven, want in een wereld met oneindig veel meningen, heeft een mening geen waarde meer. Het failliet van de mening: de devaluatie ervan is allang realiteit. Of is dat juist de verlossing waar we op af stevenen?

Wat zal het stil en aangenaam zijn.

Het kind wordt opgepakt en geknuffeld: er wordt niet ingegaan op het geschreeuw. Dwars door het geschreeuw gaan we naar de essentie, naar de stilte achter het geschreeuw, laten we het kind voelen dat het niet hoeft te schreeuwen, dat het veilig is.

Wat zullen we ons veilig en vredig voelen. Wat zal het stil en aangenaam zijn.

Hoe heftiger de oorlog der meningen, des te duidelijker en sterker zal stilte aanwezig zijn.


© copyright 2004-2005 drs R.C. van den Bos


Rick van den Bos

info@burnoutcoach.nl